Alledaags

Kap

Ik heb mijn laptop nodig op kantoor morgen. Om hem niet te vergeten leg ik hem alvast klaar onder de kapstok. Ondertussen pruttelt de boerenkool en staat de eettafel gedekt. Onze honden voeren wij vlak voordat wij ook ’s avonds eten. Isa heeft haar bak al leeg als Bruno nog hulpeloos om zich heen kijkt. Hij is een beetje zielig.

Onze honden gaan namelijk altijd naar mijn lief die als hondenthuiskapper fungeert. Nou is dat helemaal niet zielig, want alle spullen en vaardigheden zijn in huis. En met huis bedoel ik dan onze berging. Daar bevindt zich een complete elektrisch bedienbare hoog-laag trimtafel, scharen, borstels, kammen en diverse trimsets met verschillende verwisselbare opzetstukken. Verder nog een föhn en een waterblazer. Die ziet eruit als een stofzuiger, maakt ongeveer evenveel herrie maar is gewoon een zwaardere föhn (speciaal voor honden) die harder blaast. Isa ondergaat het drooggedeelte altijd dapper maar gelaten. Bruno gedraagt zich altijd alsof wij hem de straat uit willen blazen.

Bij de laatste trimbeurt zijn zijn balletjes iets te kort geschoren. Gekortwiekte schaamstreken vinden wij nou eenmaal hygiënisch. Zo blijft er zo min mogelijk vuil in hangen na de uitlaatbeurt. Het roze velletje is niet eens kaal maar blijkbaar irriteren de stekeltjes een beetje waardoor hij is gaan likken. En daardoor gaat het irriteren. Nou is het van nature al een zenuwachtig hondje maar dit is om gek van te worden, en niet alleen voor hem. ‘Anders moeten we zo’n bloemkool kopen hoor’ merkt mijn lief op. Huh, een bloemkool? Wat bedoelde ze nou?

Omdat zijn huidje nog heel was, hebben we het even aangekeken. Maar hij bleef dag en nacht nerveus likken om tussendoor nog aanstellerig te piepen. En vooral dat gepiep hield ons twee nachten wakker. Wat Isa ook weer irriteerde; mevrouw is wat ouder en liet duidelijk merken dat ze niet van dit gedrag gediend was. Dus er werd gepiept, gegromd en gebromd en zelfs tussendoor geblaft. Niet te harden. Mijn lief opperde nog om er Vaseline op te smeren, maar dat zou hij er natuurlijk met dezelfde rotgang weer aflikken.

Als ik thuiskom zit Bruno die dag met een transparante kap om zijn kop. Hoe sneu ik het ook voor hem vind, het ziet er té grappig uit. Alsof hij van het blazersensemble is en elk moment zijn toeter kan inzetten. Zenuwachtig maar blij rent hij op me af en ramt onderweg de tafel. Hij begrijpt niet veel van de situatie maar kan in elk geval niet meer likken. Ik vraag me af of hij al gegeten heeft want zoals hij tegen het meubilair aan loopt, zo doet hij dat vast ook tegen zijn voer- en waterbak. Ik ga ernaast zitten en roep hem. Met een klein beetje hulp manoeuvreer ik de kap over de voerbak en hij zet het op een eten alsof hij een week niets gehad heeft. Omdat hij natuurlijk getrimd is lijkt hij ineens extra mager. Ik aai hem over zijn lijfje terwijl hij schrokt. Ondertussen staat een jaloerse Isa tegen mijn andere arm aan te duwen omdat ze ook aandacht wil.

Als we die avond lekker voor de tv hangen, ligt Isa languit op het kleed bij ons. Bruno ligt met geheven kop op zijn kussen, alsof hij zijn kop niet durft neer te leggen. Als hij het oogcontact opmerkt komt hij naar me toe. Ons zielige mannetje heeft een beetje extra aandacht nodig. Hij is zo blij als ik hem weer aai, dat hij naar me opspringt. Met een klap krijg ik de rand van de kap tussen mijn ogen op mijn neus. AUW!

Vannacht was er weer steeds herrie. Er werd nu niet gepiept en gemopperd, maar Bruno schudde steeds met zijn kop waardoor de kap een schuifgeluid maakte. Zucht, arm beest en arme wij.  Bij de uitlaatsessie vanmorgen stond ik te hannesen met de kap. Voordat we de deur uitgaan moet ie even af en gaat het halsbandje om. Kaploos plassen moet fijner zijn. Maar als ik het licht in de gang aandoe wordt iedereen weer wakker. In donker zie ik het niet dus sta ik te klooien. Zodra Bruno’s kap afgaat probeert hij weer te likken, dus gedoe alom. Ik ben blij als ik het ding er weer om kan doen bij terugkomst, hiermee draag ik de verzorgingstaak over aan mijn gezin voor de rest van de dag. Na het parkeren van de auto op kantoor kom ik er achter dat mijn laptop nog onder de kapstok ligt. En dat allemaal door die stomme kap.