Alledaags

Wekker

Opstaan in de donkere wintertijd blijft een kwelling. Na de eerste snooze om 06.10 uur, kom ik er op goede werkdagen om 06.18 uur uit. Als het die avond ervoor weer té gezellig was, snooze ik een keer extra zodat het echt rennen is tegen half zeven. Lang leve het snoozen. Laat ik nou denken dat het alleen in ons huis  verheven is tot werkwoord, maar ik lees op internet dat dit landelijk al lang geleden een feit was. Langzaam wakker worden betekent het en dat is fijn als de tegenzin groot is.

Ons kind kan snoozen tot ie een ons weegt. Soms zo lang dat mijn lief vanuit ons bed naar dat van hem schreeuwt dat ie eruit  moet. Het gevolg hiervan is dat wij alle drie klaarwakker en geïrriteerd zijn. Wakker geschreeuwd worden vinden wij niet leuk. Ik word normaal nooit wakker van zijn snooze, mijn lief al bij de eerste keer. Aangezien wij alle drie verschillende roosters hebben, staan we nooit dezelfde tijd op. Het is nog een hele toer om tussen al het snooze-kabaal je eigen wekker te herkennen. De enkele keer dat mijn lief eerder de deur uit moet dan ik, ben ik standaard klaarwakker door haar wekker.

Toen ik zeventien was had ik nog nooit van snoozen gehoord. Ons kind kan zich daar niets bij voorstellen. In huize Van Viegen stond er in alle drie de slaapkamers een metalen Hema wekker met van die bellen bovenop. Dat was lekker overzichtelijk, want als ie afging gaf je er een klap op en hij was uit. Soms was je alleen zo diep in slaap dat je niet meer wist dat je hem had uitgeslagen. IJzersterk was ik in het volhouden dat mijn wekker ECHT niet afgegaan was wanneer ik me verslapen had. Je moest hem ook elke avond weer opwinden en activeren. Als je dit vergat stond ie stil of wekte hij niet. De komst van een elektrische wekkerradio was daarom een uitkomst. Nooit meer opwinden, er zat een sluimerfunctie op en je kon zelfs kiezen tussen het alarm en de radio als wektoon.

Mijn wekkerradio was duur en cool. Een soort zilveren kubus met vele opties en knoppen. In den beginne deed ik erg mijn best om precies te weten wat hij allemaal kon en welk knopje voor wat was. In de loop der jaren heb ik dit opgegeven. Het grootste deel van de functies is namelijk totaal overbodig. Ik hoef echt niet bij het wakker worden te zien welk jaar het is. Mijn lief wil niet wakker worden met de radio dus het voorprogrammeren van diverse radiozenders heb ik lang geleden ook losgelaten. Mede omdat (door de vele klussen in ons huis) de stroom er om de haverklap af moet en alle instellingen van mijn kubus dan zijn verdwenen. Het knopje voor het veranderen van kleur van het display vind ik geinig. Dat zachte groen is lekker in de zomer, terwijl in de winter wat feller oranje beter te zien is. De snoozeknop is het grootst en zit vooraan. Toch moet ik opletten dat ik wel het uitknopje indruk wanneer ik echt uit bed ga. Anders hoor ik vanonder de douche mijn wekker afgaan terwijl mijn gezin nog slaapt en ik me realiseer dat de laatste druk op de snoozeknop was. Het is allemaal niet zo eenvoudig als het lijkt.

Mijn gezin lacht me nog net niet uit en laat regelmatig merken dat ik hopeloos ouderwets ben met mijn gouwe ouwe wekkerradio. Niet gehinderd door eventuele schadelijke straling ligt inderdaad mijn mobiel ook op het nachtkastje. Op de lader en naast het bedlampje, ja ik weet dat het zowiezo een snoer minder kan zijn als de wekkerradio de deur uit gaat. Maar hij is niet kapot en ik kan er zo lekker gedachteloos mee omgaan. Ik weet ook wel hoe ik de wekker van mijn mobiel kan zetten, maar daar moet ik steeds zo over nadenken. En ja, ik moet de wekkerradio inderdaad afstoffen en hij neemt ruimte in beslag, dat klopt. Er is wel iets geks aan de hand; ik dacht laatst een dode bromvlieg te zien achter het ruitje van mijn display. Als ik schud gaat ie heen en weer. Maar nergens zit een opening of ingang, dus het moet een losgekomen schroefje zijn. Zonder bril zie ik hem trouwens niet, dus er is niets ergs aan.

Ik kan nog geen afstand doen van mijn wekkerradio. Al let ik nog zo goed op, soms gaat het echt mis. Dan denk ik op het uitknopje te drukken, maar heb ik de verkeerde. Dan druk ik op één van de niet in geprogrammeerde radiozenders. Het gevolg is dan een oorverdovend harde brom die iedereen rechtop in bed doet zitten. Als ik slaapdronken ‘sorry!’ roep, weet ik dat (alhoewel erbij gezucht wordt) het me wordt vergeven. Ze kennen me al een tijdje en weten van mijn nukken. Als dat niet zo was weet ik zeker dat iemand ‘m al lang in een onbewaakt ogenblik had weggekeild. Na wat vakkundig sloopwerk uiteraard, zodat ik niet in de gelegenheid zou kunnen komen om hem weer voor de dag te toveren.